
Als zoon van Lucilia do Carmo, een bekende Portugese fadista, behaalde deze zanger in de jaren zeventig nationaal en internationaal succes, met optredens in het Royal Opera House in Londen en de Olympia in Parijs. In 1976 vertegenwoordigde hij Portugal op het Eurovisiesongfestival met zijn nummer Uma Flor De Verde Pinho, waar hij op de twaalfde plaats eindigde. Carlos Manuel de Ascencao do Carmo de Almeida begon zijn carriere als artiest in 1963. Hoewel fado de kern van zijn muziek bleef, werd hij onder andere beïnvloed door Frank Sinatra, Franse pop, met onder meer het werk van Jacques Brel, en Braziliaanse bossa nova. Hij wordt beschouwd als de belangrijkste mannelijke fadista van zijn generatie, wiens succes na Alfredo Marceneiro en voor Camane op kwam zetten. Hij wordt gezien als de kunstenaar die de overgang maakte tussen de traditionele fado en de nieuwe fado die in de jaren negentig opkwam. Hij introduceerde nieuwe stijlen, waaronder de toevoeging van orkesten en de integratie van ondermeer jazz. In 1977 bracht do Carmo Um Homem Na Cidade uit, een conceptalbum met een reeks gedichten over Lissabon van Ary dos Santos. Het album werd een van de grootste successen van do Carmo’s lange carriere. Het gaf blijk van een nieuwe, innovatieve stijl. Bekende nummers van hem zijn onder meer Bairro Alto, Lisboa Menina E Moça, Canoas Do Tejo, Os Putos en Por Morrer Uma Andorinha. Hij heeft meer dan vierentwintig albums uitgebracht, waarvan deze, Nove Fodos E Uma Consoa De Amor, in 2002 verscheen. In 2019 kondigde hij zijn pensionering van live optredens aan. Carlos Do Carmo stierf op 1 januari 2021 in het Hospital de Santa Maria in Lissabon, 81 jaar oud. Hij was de dag ervoor opgenomen in het ziekenhuis na een aneurysma.


